Wat hebben wíj een fijn weekend gehad!! Niet evident dit jaar, waarin Leuke Dingen Doen niet vanzelfsprekend is geweest, dus we hebben echt met volle teugen genoten.
Gisteren gingen we met z´n vieren op de fiets naar het centrum. Ik hou enorm van fietsen en het was er heerlijk weer voor. We parkeerden in Overstad en liepen over de brug naar de markt. We hebben op zich niet zoveel bijzonders gedaan, gewoon rondgelopen in het zonnetje en in wat winkels gekeken.
Alkmaar heeft sinds een jaar een Dille en Kamille. Oh wat is dat een fijne aanvulling op het winkelaanbod! Vroeger gingen we er al graag heen toen de dichtsbijzijnde in Haarlem was. Ik vond er een prachtig vilten pot-achtig ding waar de Lyra potloden echt geweldig leuk in passen!
Super toch?
Verder gingen we een blokfluit kopen voor mijn moeder in Spanjaard. De klas van Sophie krijgt sinds afgelopen week blokfluitles op de alt, en mijn moeder is meerdere malen uitgenodigd mee te doen.
We kochten een map voor Sophie voor haar nieuwe muziek (hierover later meer!)
Niks bijzonders dus eigenlijk, maar enorm genieten voor ons!
En kijk eens wat ik van mijn moeder kreeg?
Mijn lieve moeder heeft het niet makkelijk. Ze is net weer geopereerd, dit keer aan een ontsteking in haar hand, en ze zijn erachter gekomen dat het helemaal niet goed gaat met haar reuma en haar afweer. Dit betekent dat ze sinds deze week enorm heftige medicijnen moet nemen met hele gemene bijwerkingen. Niet alleen dat: ze zal ze de rest van haar leven moeten nemen.
Onze manier van met dingen omgaan is vooral kijken naar wat er wél kan, en positief zijn. Ongeneeslijk positief, dat zijn we. Dus ik vond het enorm belangrijk dat we na deze rotweek voor haar een écht goed, fijn weekend hadden.
Vandaag was er een Oogst- en pompoenfair op camping de Kolibrie in Warmenhuizen. De laatste openluchtmarkt voor dit jaar denk ik!
Het is een erg leuk opgezette markt, die zich verspreidt over de twee centrale grasvelden. Je loopt dus over het gras langs leuke kraampjes. Er was een kraampje met Bunzlau Castle servies (my favourite!),verschillende kraampjes met wollen producten, allerlei kookproducenten, houten tuinmeubelen.. allerlei artisanale dingen. Het zonnetje deed ook nog gezellig mee en zodra die er was kon de jas nog lekker even uit.
Sophie werd geschminkt als konijn (mét grijze vlekken natuurlijk) en er was verrassend genoeg ook nog echt goeie muziek in de vorm van een Iers-achtige band. We zaten lekker op het grasveld met een blikje appelsap en Ben houdt dus zóveel van zijn dochter dat hij bereid is tot in het openbaar wild dansen:
Kortom: met recht een weekend met een gouden rand!
Ik heb nogal de neiging om zoveel te doen als ik maar enigszins kan gedurende de week. Dit is de andere kant van ongeneeslijk positief zijn ;-)
Eigenlijk is dat helemaal niet handig en ik heb daar deze week nog eens goed over nagedacht. Ik had namelijk een rustigere week, en wat gebeurde er? Ik kon twee dagen in het weekend iets leuks doen met mijn gezin. Misschien doe ik er verstandiger aan doordeweeks toch nog maar even niet teveel hooi op mijn vork te nemen, want als ik niks kan in het weekend, kunnen zij dat ook niet!
Uiteindelijk is mijn gezin het allerbelangrijkste en mag dat altijd de eerste prioriteit zijn.
Dat er nog maar veel van zulke fijne weekenden volgen mogen :-)
Translate
zondag 30 september 2018
zaterdag 29 september 2018
Heb je een auto nodig?
In 2003 kochten wij onze eerste auto. Ik had al een heel poosje mijn rijbewijs (en Ben al eeuwen), maar we woonden in Delft vlakbij het station dus er was niet veel noodzaak.
Maar oooh, wat was ik blij met de auto. Het was een Punto´tje, die we Tuutje doopten. Het stond zelfs op de achterkant in blauwe letters. Dit tot groot vermaak van de buurman, die me vertelde dat het goed was dat hij geen twintiger meer was: dan had hij ´s-nachts van de eerste u een r gemaakt.
Ik reed er met heel veel plezier in.
Na de Punto kwamen twee vreselijke pech-auto´s, die we respectievelijk Fiat Misericordia (musicussengrapje) en Behemoth noemden. De ANWB stuurde ons zelfs een brief dat we volgende keer dat ze kwamen extra moesten betalen....
We gingen naar een garage die we vertrouwden en zeiden: ¨We willen een auto die het altijd doet! En daar was onze Ford Focus.
Het was een fijne auto, die ons altijd overal naartoe bracht en het inderdaad altijd deed.
En zolang Ben in Amsterdam werkte was het ook echt wel erg fijn om een auto te hebben.
Maar toen ging Ben in Alkmaar werken. Ik kon weer steeds meer met de fiets doen. En de auto stond wel heel erg veel voor de deur. Zonde, dus! Al helemaal een auto op diesel, die hartstikke duur was in wegenbelasting. Er werd druk nagedacht. Zowel uit groene overwegingen als uit financiële.
Uiteindelijk besloten we vorig jaar herfst dat we gingen proberen of we het zonder konden redden en verkochten de auto.
Het was een raar gevoel om hem weg te zien rijden en de lege plek naast ons huis te zien waar hij altijd stond! Voor het eerst in bijna 15 jaar hadden we geen auto.
En ik moet zeggen, het ging best wel. Als ik helemaal gezond was kon het zelfs vrij gemakkelijk, want zowat alles kan dan op de fiets.
Maar ik miste hem wel. En toen mijn moeder aan het begin van dit jaar ziek werd met alle zorgen van dien ging het echt niet. Ik greep té vaak mis, waardoor ik dan weer moest terugvallen op vriendinnen voor bijvoorbeeld het halen van Sophie.
Dus kwam er weer een auto. Dit keer eentje op benzine: we rijden niet heel veel kilometers dus dat is dan handiger qua wegenbelasting. Het is een oudje: hij is uit 2005. Maar hij is superfijn!
We zijn er dan ook echt enorm blij mee. De vrijheid en veiligheid die het biedt dat hij er simpelweg staat en we hem altijd kunnen pakken is op dit moment de kosten waard.
Maar..... als ik nou nog wat meer herstel en weer alles op de fiets kan? Dan zou ik zeker overwegen om het zonder te doen. Ik zie best veel auto´s in deze Vinex-buurt eigenlijk alleen maar gebruikt worden voor boodschappen en eigenlijk is dat toch hartstikke zonde?
Ik zou het ook wel tof vinden als er goede deelinitiatieven komen. Maar ik ben er niet echt de aangewezen persoon voor om het op te zetten ;-)
Voorlopig mag ´ie dus fijn bij ons blijven, onze ¨nieuwe¨ tuut. We doen wel nog altijd zoveel mogelijk te voet of met de fiets. Maar voor de extraatjes en het gemak? Voor nu: heel blij met de auto voor de deur!
Maar oooh, wat was ik blij met de auto. Het was een Punto´tje, die we Tuutje doopten. Het stond zelfs op de achterkant in blauwe letters. Dit tot groot vermaak van de buurman, die me vertelde dat het goed was dat hij geen twintiger meer was: dan had hij ´s-nachts van de eerste u een r gemaakt.
Ik reed er met heel veel plezier in.
Na de Punto kwamen twee vreselijke pech-auto´s, die we respectievelijk Fiat Misericordia (musicussengrapje) en Behemoth noemden. De ANWB stuurde ons zelfs een brief dat we volgende keer dat ze kwamen extra moesten betalen....
We gingen naar een garage die we vertrouwden en zeiden: ¨We willen een auto die het altijd doet! En daar was onze Ford Focus.
Het was een fijne auto, die ons altijd overal naartoe bracht en het inderdaad altijd deed.
En zolang Ben in Amsterdam werkte was het ook echt wel erg fijn om een auto te hebben.
Maar toen ging Ben in Alkmaar werken. Ik kon weer steeds meer met de fiets doen. En de auto stond wel heel erg veel voor de deur. Zonde, dus! Al helemaal een auto op diesel, die hartstikke duur was in wegenbelasting. Er werd druk nagedacht. Zowel uit groene overwegingen als uit financiële.
Uiteindelijk besloten we vorig jaar herfst dat we gingen proberen of we het zonder konden redden en verkochten de auto.
Het was een raar gevoel om hem weg te zien rijden en de lege plek naast ons huis te zien waar hij altijd stond! Voor het eerst in bijna 15 jaar hadden we geen auto.
En ik moet zeggen, het ging best wel. Als ik helemaal gezond was kon het zelfs vrij gemakkelijk, want zowat alles kan dan op de fiets.
Maar ik miste hem wel. En toen mijn moeder aan het begin van dit jaar ziek werd met alle zorgen van dien ging het echt niet. Ik greep té vaak mis, waardoor ik dan weer moest terugvallen op vriendinnen voor bijvoorbeeld het halen van Sophie.
Dus kwam er weer een auto. Dit keer eentje op benzine: we rijden niet heel veel kilometers dus dat is dan handiger qua wegenbelasting. Het is een oudje: hij is uit 2005. Maar hij is superfijn!
We zijn er dan ook echt enorm blij mee. De vrijheid en veiligheid die het biedt dat hij er simpelweg staat en we hem altijd kunnen pakken is op dit moment de kosten waard.
Maar..... als ik nou nog wat meer herstel en weer alles op de fiets kan? Dan zou ik zeker overwegen om het zonder te doen. Ik zie best veel auto´s in deze Vinex-buurt eigenlijk alleen maar gebruikt worden voor boodschappen en eigenlijk is dat toch hartstikke zonde?
Ik zou het ook wel tof vinden als er goede deelinitiatieven komen. Maar ik ben er niet echt de aangewezen persoon voor om het op te zetten ;-)
Voorlopig mag ´ie dus fijn bij ons blijven, onze ¨nieuwe¨ tuut. We doen wel nog altijd zoveel mogelijk te voet of met de fiets. Maar voor de extraatjes en het gemak? Voor nu: heel blij met de auto voor de deur!
vrijdag 28 september 2018
Grappige Echtgenoot
Ben is echt heel erg grappig. Dat vind ik niet alleen, dat vinden andere mensen ook ;-)
In Februari zijn we 20 jaar bij elkaar, en ik moet nog steeds zowat elke dag wel een keer hardop om hem lachen.
Het leek me leuk om zo af en toe eens wat van zijn beste opmerkingen te delen. Ik schrijf ze in het Engels, want hij is ten slotte Engels. Maar ik zal ook een poging tot vertalen doen waar dat werkt, ter uwer leesgemak ende vermaak :-)
* Ben says: ¨I don´t know any Italian! Just ´ciao´. And ´bastardo´¨.
He´s silent for a second and then adds: ¨It´s Italian for ´referee´¨
Ben zegt: ¨ik spreek geen Italiaans! Alleen maar ´ciao´. En ´bastardo´¨.
Hij is even stil en voegt dan toe: ¨Dat is Italiaans voor ´scheidsrechter´¨
* Last night he´s holding a whole monologue about the fly he just killed, knowing full well I´ll find it disgusting and a little sad. Then he says: ¨And do you know what the last thing that went through its mind was?¨
Despite myself I say: ¨what?¨
¨Its arse¨
Gisterenavond houdt hij een hele monoloog over de vlieg die hij zojuist heeft vermoord, heel goed wetende dat ik het ranzig zal vinden en een beetje zielig. Dan zegt hij: ¨En weet je wat het laatste was wat hem door z´n hoofd schoot?¨
Ik kan het niet helpen en zeg: ¨wat?¨
¨Zijn kont¨
*I´m singing ¨love me do¨. Ben asks why. I explain I was doing one of those Facebook tests: which Beatles song are you. I say: ¨I´ll give you ONE guess as to which song I am!¨
¨Errr.... I am the walrus?¨
Ik zing ¨love me do¨. Ben vraagt waarom. Ik leg uit dat ik één van die Facebook testjes had gedaan: welk Beatles liedje ben je? Ik zeg: ¨je mag één keer raden welk liedje ik ben!
¨Ehh.... I am the walrus?¨
In Februari zijn we 20 jaar bij elkaar, en ik moet nog steeds zowat elke dag wel een keer hardop om hem lachen.
Het leek me leuk om zo af en toe eens wat van zijn beste opmerkingen te delen. Ik schrijf ze in het Engels, want hij is ten slotte Engels. Maar ik zal ook een poging tot vertalen doen waar dat werkt, ter uwer leesgemak ende vermaak :-)
* Ben says: ¨I don´t know any Italian! Just ´ciao´. And ´bastardo´¨.
He´s silent for a second and then adds: ¨It´s Italian for ´referee´¨
Ben zegt: ¨ik spreek geen Italiaans! Alleen maar ´ciao´. En ´bastardo´¨.
Hij is even stil en voegt dan toe: ¨Dat is Italiaans voor ´scheidsrechter´¨
* Last night he´s holding a whole monologue about the fly he just killed, knowing full well I´ll find it disgusting and a little sad. Then he says: ¨And do you know what the last thing that went through its mind was?¨
Despite myself I say: ¨what?¨
¨Its arse¨
Gisterenavond houdt hij een hele monoloog over de vlieg die hij zojuist heeft vermoord, heel goed wetende dat ik het ranzig zal vinden en een beetje zielig. Dan zegt hij: ¨En weet je wat het laatste was wat hem door z´n hoofd schoot?¨
Ik kan het niet helpen en zeg: ¨wat?¨
¨Zijn kont¨
*I´m singing ¨love me do¨. Ben asks why. I explain I was doing one of those Facebook tests: which Beatles song are you. I say: ¨I´ll give you ONE guess as to which song I am!¨
¨Errr.... I am the walrus?¨
Ik zing ¨love me do¨. Ben vraagt waarom. Ik leg uit dat ik één van die Facebook testjes had gedaan: welk Beatles liedje ben je? Ik zeg: ¨je mag één keer raden welk liedje ik ben!
¨Ehh.... I am the walrus?¨
donderdag 27 september 2018
Is de nieuwe generatie kinderen accepterender?
Weet je wat ik echt geweldig vind? Sophie bevindt zich op veel vlakken in zó´n andere omgeving dan ik als kind.
Als kind hield ik al veel van klassieke muziek. Ook zong ik graag musicalliedjes en zo. Dit leverde me bij mijn klasgenoten vooral veel geplaag en gespot op. Ik weet nog goed de keer dat ik hardop uitgelachen werd door de zaal tijdens een open podium toen ik ¨I still believe¨ uit Miss Saigon zong. Zoiets vergeet een mens niet snel.
Waar ik ook was, het was vooral iets héél stoms, dat ik hield van zingen.
Hoe anders is dit voor Sophie! Op de Vrije School wordt sowieso veel gezongen en gemusiceerd. Maar zij wordt juist betrokken in het hele proces! Laatst bijvoorbeeld, kon de juf niet op de tekst komen van het liedje over het nijlpaard. Ze weet dat Sophie die tekst nog wel zal weten, dus vraagt ze Sophie om voor de klas te komen en het liedje te zingen: en de hele klas zingt mee! Ook wordt ze ingezet als aanvoerster als er een tweede stem gezongen moet worden met een deel van de klas.
Sowieso vinden de andere kinderen het maar wat leuk als Sophie muziek maakt.
Ook zie ik het bij tieners die musiceren. Klasgenoten vinden het eigenlijk best interessant en leuk.
En eigenlijk heb ik het gevoel dat het er dat het binnen de speeltuinen ook een stuk minder hard aan toe gaat dan vroeger. Tuurlijk wordt er nog altijd geplaagd. En dat vind ik afschuwelijk. Maar ik herinner me toch hele andere taferelen van verregaand gejen tegen kinderen die afweken. Zoals het arme meisje dat naar de LOM moest bij ons op school. Leuk filmpje met jeugdsentiment over zuks: Kinderen voor Kinderen lom kind. Ik heb toch het positieve gevoel dat dat nu anders gaat....
Zou dat nou gewoon een verandering zijn van mentaliteit, over de tijd? Zouden ze sensitiever zijn geworden met z´n allen? Helpen alle pestprotocollen? Of is het zo dat er een andere mentaliteit bestaat binnen de Vrije School, en de tieners toevallig mazzel hebben? Of misschien zijn ze in Alkmaar aardiger in het algemeen?
Ik hoop echt dat het het eerste is, en deze nieuwe generatie kinderen accepterender en nieuwsgieriger zijn naar elkaar en hun verschillen. Dat lijkt me een fijne toekomstvisie!
Ik ben benieuwd naar jullie ervaringen!
Als kind hield ik al veel van klassieke muziek. Ook zong ik graag musicalliedjes en zo. Dit leverde me bij mijn klasgenoten vooral veel geplaag en gespot op. Ik weet nog goed de keer dat ik hardop uitgelachen werd door de zaal tijdens een open podium toen ik ¨I still believe¨ uit Miss Saigon zong. Zoiets vergeet een mens niet snel.
Waar ik ook was, het was vooral iets héél stoms, dat ik hield van zingen.
Hoe anders is dit voor Sophie! Op de Vrije School wordt sowieso veel gezongen en gemusiceerd. Maar zij wordt juist betrokken in het hele proces! Laatst bijvoorbeeld, kon de juf niet op de tekst komen van het liedje over het nijlpaard. Ze weet dat Sophie die tekst nog wel zal weten, dus vraagt ze Sophie om voor de klas te komen en het liedje te zingen: en de hele klas zingt mee! Ook wordt ze ingezet als aanvoerster als er een tweede stem gezongen moet worden met een deel van de klas.
Sowieso vinden de andere kinderen het maar wat leuk als Sophie muziek maakt.
Ook zie ik het bij tieners die musiceren. Klasgenoten vinden het eigenlijk best interessant en leuk.
En eigenlijk heb ik het gevoel dat het er dat het binnen de speeltuinen ook een stuk minder hard aan toe gaat dan vroeger. Tuurlijk wordt er nog altijd geplaagd. En dat vind ik afschuwelijk. Maar ik herinner me toch hele andere taferelen van verregaand gejen tegen kinderen die afweken. Zoals het arme meisje dat naar de LOM moest bij ons op school. Leuk filmpje met jeugdsentiment over zuks: Kinderen voor Kinderen lom kind. Ik heb toch het positieve gevoel dat dat nu anders gaat....
Zou dat nou gewoon een verandering zijn van mentaliteit, over de tijd? Zouden ze sensitiever zijn geworden met z´n allen? Helpen alle pestprotocollen? Of is het zo dat er een andere mentaliteit bestaat binnen de Vrije School, en de tieners toevallig mazzel hebben? Of misschien zijn ze in Alkmaar aardiger in het algemeen?
Ik hoop echt dat het het eerste is, en deze nieuwe generatie kinderen accepterender en nieuwsgieriger zijn naar elkaar en hun verschillen. Dat lijkt me een fijne toekomstvisie!
Ik ben benieuwd naar jullie ervaringen!
woensdag 26 september 2018
Kun Je Een Kind Opvoeden Zonder Schermpjes?
Gisterenavond was er op school een ouderavond over dit thema: Kinderen en Mediawijsheid.
Er werd veel verteld over onder andere de gevaren van internet. Ook werd er duidelijk hoeveel kinderen er grote hoeveelheden tijd achter een scherm besteden, en dat er zelfs veel kinderen games/MMO´s spelen waarbij je kunt chatten met vreemden.
Als ik zo eens hoor wat mensen erover zeggen dan heb ik het idee dat velen denken dat veel achter een scherm zitten en gamen nu eenmaal bij deze tijd hoort. Daar ben ik het persoonlijk niet mee eens.
Je ziet ze veel. Gezinnen waarbij de avond doorgebracht wordt: samen, maar ieder met een eigen scherm voor de neus. Kinderen die zichzelf nog geen twee seconden kunnen vermaken. Die in de auto en waar dan ook verder direct een scherm voor zich moeten hebben. En hoewel ik echt wel het gemak daarvan snap, heb ik zelf een andere keuze gemaakt. Vandaar dit artikel voor iedereen die zich afvraagt: kun je een kind ook (bijna) zonder schermen opvoeden?
Als peuter vond ik het simpel. Gewoon geen schermen. Kind weet sowieso niet dat die optie er wél is. Enige uitzondering was een puzzelspelletje waarbij ze af en toe eens op mijn telefoon een puzzel mocht maken.
Sophie was als kleuter echt best intensief. Ze is enig kind en deed daardoor een groot speelberoep op (vooral) mij. Verder is ze prikkelgevoelig, dus was de kleuterklas geen eenvoudige omgeving, wat resulteerde in een zeer hyper kind. Toen moest ik er hele bewuste keuzes in maken om dat niet met schermen op te lossen, maar met haar te blijven spelen, én haar te blijven leren hoe ze zichzelf kan vermaken. Dat deed ik door haar bijvoorbeeld op de klok aan te wijzen tot waar de grote wijzer moest lopen voordat we weer iets anders gingen doen dan bijvoorbeeld kleuren, of zelf spelen. Ze hield enorm van kleuren en deed dat dan ook veel.
Gelukkig wordt er in deze buurt veel buitengespeeld, dus dat was ook vast onderdeel van de dag. We gingen vaak naar de speeltuin in het park. Ook hadden we een abonnement op Ballorig. Dat kost maar €6 per maand en dan kun je zo vaak als je wilt naar de binnenspeeltuin.
Toen ze naar groep drie ging werd het weer makkelijker. Ze leerde heel snel lezen en las al snel hele boeken. Dat scheelde een stuk. In de afgelopen jaren vraagt ze af en toe wel om een spelletje.
Zo wilde ze graag Starstable spelen, want dat had ze bij een klasgenootje gezien. Dat is het enige waar ik echt ¨nee¨ op heb gezegd. Ik heb uitgelegd dat dat soort spelletjes enorm verslavend is, omdat het je als het ware dwingt elke dag (meerdere keren) terug te komen om je paard in leven te houden. Ik heb uitgelegd wat dat met sommige kinderen doet. Ze snapte het en accepteerde.
Andere dingen mogen wel. Zo staat er bijvoorbeeld Zuma op mijn telefoon, en een bubble shooter. Heel af en toe doet ze zoiets. Nu wilde ze een spelletje dat ¨Girl´s hairsalon¨ heet, waar je het haar van een digitaal meisje kunt knippen en kleuren. Prima. Maar als ze het doet: een paar minuutjes. Daarna gaan we weer lekker spelen, buiten spelen, lezen, iets creatiefs doen, muziek maken, spelletjes spelen, wandelen in het park.
Want dat is in mijn ogen de onbezorgde kindertijd die ik haar zo gun.
Zo zijn we dus in de huidige situatie beland. Sophie is negen en ik kan er heel relaxed mee omgaan, want ze gaat er zelf verstandig mee om en taalt grotendeels niet naar schermen.
Wil ze met een vriendinnetje een video op YouTube opzoeken over een loombandje, of over hoe je een eenhoorn tekent? Tuurlijk joh. Wil ze muziekvideo´s kijken en karaoke meezingen? Ja hoor, geen punt.
Vloggers kijkt ze soms ook wel. Ik ben niet zo´n fan, maar ja... intussen is ze negen en heeft zelf ook een duidelijke mening. Alles altijd maar even. En als ik zeg dat het klaar is, gaat ze rustig iets anders doen.
Spelletjes speelt ze eigenlijk vrijwel nooit. Ze speelt meestal lekker buiten met haar BFF. En binnen verzinnen ze hele fantasiespelletjes. Daar word ik dus erg blij van.
In de auto zingen we liedjes, spelen we ¨welk dier heb ik in mijn hoofd?¨ of kijken we uit het raam naar het landschap.
Ze is een boekenwurm, mede omdat ze de kans had dat te ontwikkelen. Als ik de tijd eerder had opgevuld met schermen, had ze denk ik nooit zo genoten van het lezen.
Ik hoef er niet meer mijn best voor te doen, voor die scherm-arme opvoeding.
In mijn beleving was het belangrijkste punt om daar te komen, hoe we er in haar vroege jeugd mee omgingen. Dat ze heeft geleerd om zichzelf te vermaken, zelfs als dat soms voor ons intensief was. Ik denk dat het ongelooflijk belangrijk is dat een kind niet altijd vermaak simpelweg klaar heeft staan, maar leert om na te denken: wat wil ik nu gaan doen? Dat het de kans heeft om zich af en toe eens flink te vervelen en van daaruit tot interesses te komen.
Voor de toekomst zijn onze plannen duidelijk omlijnd.
Er werd veel verteld over onder andere de gevaren van internet. Ook werd er duidelijk hoeveel kinderen er grote hoeveelheden tijd achter een scherm besteden, en dat er zelfs veel kinderen games/MMO´s spelen waarbij je kunt chatten met vreemden.
Als ik zo eens hoor wat mensen erover zeggen dan heb ik het idee dat velen denken dat veel achter een scherm zitten en gamen nu eenmaal bij deze tijd hoort. Daar ben ik het persoonlijk niet mee eens.
Je ziet ze veel. Gezinnen waarbij de avond doorgebracht wordt: samen, maar ieder met een eigen scherm voor de neus. Kinderen die zichzelf nog geen twee seconden kunnen vermaken. Die in de auto en waar dan ook verder direct een scherm voor zich moeten hebben. En hoewel ik echt wel het gemak daarvan snap, heb ik zelf een andere keuze gemaakt. Vandaar dit artikel voor iedereen die zich afvraagt: kun je een kind ook (bijna) zonder schermen opvoeden?
Als peuter vond ik het simpel. Gewoon geen schermen. Kind weet sowieso niet dat die optie er wél is. Enige uitzondering was een puzzelspelletje waarbij ze af en toe eens op mijn telefoon een puzzel mocht maken.
Sophie was als kleuter echt best intensief. Ze is enig kind en deed daardoor een groot speelberoep op (vooral) mij. Verder is ze prikkelgevoelig, dus was de kleuterklas geen eenvoudige omgeving, wat resulteerde in een zeer hyper kind. Toen moest ik er hele bewuste keuzes in maken om dat niet met schermen op te lossen, maar met haar te blijven spelen, én haar te blijven leren hoe ze zichzelf kan vermaken. Dat deed ik door haar bijvoorbeeld op de klok aan te wijzen tot waar de grote wijzer moest lopen voordat we weer iets anders gingen doen dan bijvoorbeeld kleuren, of zelf spelen. Ze hield enorm van kleuren en deed dat dan ook veel.
Gelukkig wordt er in deze buurt veel buitengespeeld, dus dat was ook vast onderdeel van de dag. We gingen vaak naar de speeltuin in het park. Ook hadden we een abonnement op Ballorig. Dat kost maar €6 per maand en dan kun je zo vaak als je wilt naar de binnenspeeltuin.
Toen ze naar groep drie ging werd het weer makkelijker. Ze leerde heel snel lezen en las al snel hele boeken. Dat scheelde een stuk. In de afgelopen jaren vraagt ze af en toe wel om een spelletje.
Zo wilde ze graag Starstable spelen, want dat had ze bij een klasgenootje gezien. Dat is het enige waar ik echt ¨nee¨ op heb gezegd. Ik heb uitgelegd dat dat soort spelletjes enorm verslavend is, omdat het je als het ware dwingt elke dag (meerdere keren) terug te komen om je paard in leven te houden. Ik heb uitgelegd wat dat met sommige kinderen doet. Ze snapte het en accepteerde.
Andere dingen mogen wel. Zo staat er bijvoorbeeld Zuma op mijn telefoon, en een bubble shooter. Heel af en toe doet ze zoiets. Nu wilde ze een spelletje dat ¨Girl´s hairsalon¨ heet, waar je het haar van een digitaal meisje kunt knippen en kleuren. Prima. Maar als ze het doet: een paar minuutjes. Daarna gaan we weer lekker spelen, buiten spelen, lezen, iets creatiefs doen, muziek maken, spelletjes spelen, wandelen in het park.
Want dat is in mijn ogen de onbezorgde kindertijd die ik haar zo gun.
Zo zijn we dus in de huidige situatie beland. Sophie is negen en ik kan er heel relaxed mee omgaan, want ze gaat er zelf verstandig mee om en taalt grotendeels niet naar schermen.
Wil ze met een vriendinnetje een video op YouTube opzoeken over een loombandje, of over hoe je een eenhoorn tekent? Tuurlijk joh. Wil ze muziekvideo´s kijken en karaoke meezingen? Ja hoor, geen punt.
Vloggers kijkt ze soms ook wel. Ik ben niet zo´n fan, maar ja... intussen is ze negen en heeft zelf ook een duidelijke mening. Alles altijd maar even. En als ik zeg dat het klaar is, gaat ze rustig iets anders doen.
Spelletjes speelt ze eigenlijk vrijwel nooit. Ze speelt meestal lekker buiten met haar BFF. En binnen verzinnen ze hele fantasiespelletjes. Daar word ik dus erg blij van.
In de auto zingen we liedjes, spelen we ¨welk dier heb ik in mijn hoofd?¨ of kijken we uit het raam naar het landschap.
Ze is een boekenwurm, mede omdat ze de kans had dat te ontwikkelen. Als ik de tijd eerder had opgevuld met schermen, had ze denk ik nooit zo genoten van het lezen.
Ik hoef er niet meer mijn best voor te doen, voor die scherm-arme opvoeding.
In mijn beleving was het belangrijkste punt om daar te komen, hoe we er in haar vroege jeugd mee omgingen. Dat ze heeft geleerd om zichzelf te vermaken, zelfs als dat soms voor ons intensief was. Ik denk dat het ongelooflijk belangrijk is dat een kind niet altijd vermaak simpelweg klaar heeft staan, maar leert om na te denken: wat wil ik nu gaan doen? Dat het de kans heeft om zich af en toe eens flink te vervelen en van daaruit tot interesses te komen.
Voor de toekomst zijn onze plannen duidelijk omlijnd.
- Sophie mag een smartphone als ze twaalf wordt. Aan de hoeveelheid tijd die ze daarop mag besteden zal een limiet zitten. Ik vind zelf het minder erg als ze tijd besteedt aan appen met vriendinnen (want: sociale contacten, en laten we wel wezen, zo onderhoud ik zelf ook vaak het contact met mijn vriendinnen) dan het spelen van spelletjes. Op dit moment heeft ze geen ¨eigen¨ elektronica.
- Een computer op haar kamer gaat niet gebeuren. Ik heb teveel enge verhalen gehoord van kinderen die verleid worden door nare mannen die zich voordoen als kind van dezelfde leeftijd. En ik wil een beetje controle houden over wat ze doet en wat ze ziet. De internets is geen eenduidig fijne plek, laten we wel wezen.
- Zelf moeten we het goede voorbeeld geven. Dit betekent in de praktijk dat ik poog om mijn eigen telefoon zo veel mogelijk met rust te laten als ik hier ben met Sophie.
- We blijven altijd in gesprek over deze dingen: verbieden werkt, zeker bij oudere kinderen, veel minder goed dan uitleg, begrip en kennis. We leren haar waar je op moet letten en wat de gevaren zijn. Ik heb de grote mazzel dat ik met een IT´er getrouwd ben, dus ze zal ons niet snel te slim af zijn. Maar ik heb de grote hoop dat dat ook niet nodig is. Dat met kennis en vertrouwen ze zelf slim en verstandig om zal gaan met media: nu en in de toekomst.
N.B. Dit artikel gaat over hoe wíj het hebben aangepakt in ónze visie, die zegt: weinig scherm, veel De Rest, en hoop hiermee een resource te zijn voor andere ouders die hier over nadenken.
Ik oordeel hiermee absoluut niet over ouders die een andere keuze maken. Ook besef ik me dat het ene kind schermgevoeliger is dan het andere. We moeten uiteindelijk allemaal onze eigen lijn uitzetten en de balans vinden met onze eigen kinderen.
N.B. 2: Sophie leest net mijn blog, ze mag alles wat ik schrijf lezen en al helemaal als het (mede) over haar gaat, en voegt toe: ¨Ik ben eigenlijk wel blij dat ik niet mijn eigen elektronica heb¨
Ik vraag waarom. ¨Omdat, als je zoiets krijgt als kind van negen, dan wil je er de hele tijd op, en dat wil ik dus juist niet!¨
N.B. 2: Sophie leest net mijn blog, ze mag alles wat ik schrijf lezen en al helemaal als het (mede) over haar gaat, en voegt toe: ¨Ik ben eigenlijk wel blij dat ik niet mijn eigen elektronica heb¨
Ik vraag waarom. ¨Omdat, als je zoiets krijgt als kind van negen, dan wil je er de hele tijd op, en dat wil ik dus juist niet!¨
dinsdag 25 september 2018
Bewust Leven: Besparen Op Gas
Een aantal jaar schreef ik er al eens over. Zuinigheid versus Comfort
Ik was, en wellicht is het gebruik van het woord ¨was¨ een spoiler, een enorme koukleum.
In huis was het doorgaans 22 graden, en dan ging het nét. Met als gevolg dat ik het altijd op andere plekken, waar ik ook kwam, steenkoud had. En zelfs in de zomer meestal met een fleecetrui aan liep.
Kamperen wilde ik niet als het niet steeds boven de 20 graden was, want anders zou ik bevriezen. Ik had altijd een kruik achterin de auto, zodat ik die als ik elders was kon vullen om weer op te warmen.
In dat blog kreeg ik de tip om steeds de thermostaat een half graadje lager te zetten en die tip bleef me bij. Dus een paar jaar geleden ben ik dat gaan proberen. Zo heb ik het gedaan:
Ik was, en wellicht is het gebruik van het woord ¨was¨ een spoiler, een enorme koukleum.
In huis was het doorgaans 22 graden, en dan ging het nét. Met als gevolg dat ik het altijd op andere plekken, waar ik ook kwam, steenkoud had. En zelfs in de zomer meestal met een fleecetrui aan liep.
Kamperen wilde ik niet als het niet steeds boven de 20 graden was, want anders zou ik bevriezen. Ik had altijd een kruik achterin de auto, zodat ik die als ik elders was kon vullen om weer op te warmen.
In dat blog kreeg ik de tip om steeds de thermostaat een half graadje lager te zetten en die tip bleef me bij. Dus een paar jaar geleden ben ik dat gaan proberen. Zo heb ik het gedaan:
- Elke keer de thermostaat een klein beetje lager zetten, totdat je het nét niet koud hebt.
- Investeren in dikke vesten en overheerlijke yakwollen poncho´s.
- Dus: laagjes aan. Laagjes isoleren de lucht, dus je hebt het er veel warmer mee.
- Een kruik gebruiken bij het koud hebben: dat werkt veel beter en sneller dan de thermostaat hoger zetten.
En weet je wat? Het viel echt alles mee! Ik merkte dat ik langzamerhand goed wende aan een lagere temperatuur. Waar eerst 19 graden al echt best koud was, merkte ik dat ik langzamerhand wende aan 18,5, aan 18 en overdag zelfs ook wel aan 17,5 graad.
En weet je wat nummer twee? Ik ben zó blij dat ik het gedaan heb. Ik heb het nu namelijk eigenlijk bijna nooit meer koud! Ik kan weer lekker t-shirts en jurkjes dragen in de zomer. Bij andere mensen heb ik het nooit koud, eerder warm. En aangezien ik laagjes draag kan er makkelijk eentje uit.
De enige momenten dat ik het nog wel koud heb is als ik erg moe ben: vaak aan het einde van de middag. Maar ik weet dat ik het vroeger dan ook koud had (beroemd is de anekdote dat ik in een fleecetrui en onder een dekentje zat terwijl het 28 graden was), dus dat ligt aan mijn lijf en niet aan de omgevingstemperatuur. Dan maak ik een lekkere kruik, kruip heerlijk met een boek onder een wollen dekentje en heb het zo weer warm.
Intussen betalen we al jaren voor een hoekhuis €100 per maand aan gas, water en licht.
Een enorm verschil met vroeger.
Dus: mijzelf wennen aan een lagere binnentemperatuur zorgde er enigszins paradoxaal voor dat al mijn koukleumproblemen verdwenen..... als sneeuw voor de zon!
maandag 24 september 2018
Hoe kom je bij Klassieke muziek?
Ik las net een interessante vraag op Facebook. ¨Wat is jouw eerste herinnering aan klassieke muziek?¨
Ik dacht er eens over na en wilde er wel eens iets over schrijven.
Op het conservatorium (de HBO opleiding waar je wordt opgeleid tot musicus. Je kunt er zang studeren, dans, en alle mogelijke instrumenten. Ook compositie, percussie, geluid, muziekdocent etc.. Je moet auditeren voor het conservatorium en daarbij voldoende talent en basisniveau laten zien om te worden toegelaten) vind je veel mensen die kinderen-van-musici zijn. Die zijn opgegroeid met klassieke muziek en hebben vaak al veel kennis van stukken, componisten, stijlperiodes enzo.
Dat had ik niet. Ik kwam met klassieke muziek in aanraking omdat ik een walkman en een bandje met de walsen van Strauss kreeg toen ik zeven was. Mijn moeder was vroeger danseres dus had wel een achtergrond met klassieke muziek, maar bij ons thuis werd er altijd Sky Radio geluisterd (ik heb dus wel een gedegen kennis van middle of the road popmuziek uit de jaren ´70 en ´80 ;-)).
Wel luisterden we elk jaar naar het Nieuwjaarsconcert en dát vond ik gaaf. Lekkere broodjes eten als brunch, terwijl je kijkt en luistert naar de Wiener Philharmoniker.
Wel luisterden we elk jaar naar het Nieuwjaarsconcert en dát vond ik gaaf. Lekkere broodjes eten als brunch, terwijl je kijkt en luistert naar de Wiener Philharmoniker.
Ik vond de walsen helemaal geweldig. Elke avond ging ik onze collie Trix uitlaten en luisterde ik naar mijn bandje op mijn walkman.
Toen ik wat ouder was kreeg ik dwarsfluitles. Ik bleek talentvol. Ik ging graag spelen op zaterdag in de stad en verdiende daar behoorlijk mee. Zo kocht ik een geluidssetje en daarop kon ik een CD draaien met de pianowalsen van Chopin. Jarenlang luisterde ik er ´s-avonds naar. Nog steeds hebben die Chopin walsen een bijzonder plekje in mijn hart. Mocht je er op Spotify naar willen zoeken: de mooiste vind ik die van de pianist Rubinstein!
Intussen was ik op de middelbare school begonnen met zingen in het schoolkoor en fluiten in het schoolorkest. Ik zat op het Stanislas College in Delft, en daar hadden en hebben ze een goed schoolkoor- en orkest.
De lieve pater Jezuïet die mijn klassendocent was nam mij de eerste repetitie mee. Negen jaar oud was ik, bijna tien: een paar maanden ouder dan Sophietje nu. Ik vond het helemaal geweldig en genoot met volle teugen. Een liefde werd op dat moment geboren.
Toen ik na dat jaar moest kiezen, omdat koor en orkest samen concerten gaven en je op een concert nou eenmaal niet kunt fluiten en zingen tegelijk, koos ik toch voor het koor. Zelfs al deed ik op dat moment al dwarsfluit op de Jong Talent afdeling (een voorbereidend conservatorium voor tieners) op het conservatorium van Rotterdam.
Vanaf dat moment zong ik ook regelmatig solo´s met het koor en orkest. Het was een enorm waardevolle ervaring, zowel op muzikaal gebied (je ontwikkelt enorm je muzikale oren door koorzang) als op persoonlijk gebied.
Toen ik 16 was en bijna klaar met het VWO was het tijd om te kiezen. Wat ging ik doen? Natuurlijk heb ik nog wel nagedacht over andere studies. Engels? Psychologie? Aardrijkskunde? Maar mijn hart wist wat ik wilde. Zingen. Ik deed auditie en the rest is history.
Sophie, die is dus één van die kinderen die kind-van-musicus is. Ze krijgt het met de paplepel ingegoten. En hoewel ze van mij uiteraard volledig zelf mag bepalen wat ze wil, is ze vastbesloten dat ze de muziek in wil. Ik ben benieuwd, over een jaar of acht, of de geschiedenis zich herhaalt!
foto: Erik Minten
Abonneren op:
Posts (Atom)